Er is teveel om cynisch over te zijn

15 januari dit jaar viel het kabinet, twee maanden voor de nieuwe verkiezingen. Een half jaar later spreekt links en rechts schande van het gebrek aan daadkracht om een nieuwe regering te vormen. De ene cynicus gelooft dat Rutte bewust traineert, opdat de herinnering aan de trieste val van zijn laatste kabinet genoeg vervaagt om zijn vers mandaat nog geloofwaardig te laten lijken. De andere cynicus roept dat de kiezer heeft gesproken. Bij gebrek aan een sterk links verhaal zijn we massaal naar de schoot van de gevestigde orde teruggekeerd, of daar lekker blijven zitten.

De Grand Prix in Zandvoort dan. Tussen de vox popjes in het journaal zat een echtpaar dat speciaal voor de race uit Aruba was overgevlogen. Zucht. De ene cynicus zet zijn walging kracht bij met Prins Bernhard junior als stropop van de rechtse hobby, liefst met gratuite ad hominems over zijn vastgoedhandel (huisjesmelkerij!), brilmontuur en overspelige grootvader. De andere cynicus vindt gewoon dat we niet moeten zeiken. Bij een verstopte ochtendspits blazen we meer CO2 de lucht in en hebben we minder lol.

Mathenesserdijk, Rotterdam, 2009
Doorgaan met het lezen van “Er is teveel om cynisch over te zijn”

Een ode aan de lullige hobby

Het leven is eindig, maar klaar is het nooit. Wie de gemiddelde leeftijd van tachtig jaar mag bereiken krijgt vierduizend weken om er iets moois van te maken. Dat is het onderwerp van Four Thousand Weeks – Time Management for Mortals, journalist Oliver Burkemans nieuwe boek. Deze leesbare aanrader zit qua genre tussen populaire filosofie en self help. Maar als zelfhulpboek is het heel andere koek dan het doorsnee boerenbedrog van eet-jezelf-slank of luier-jezelf-rijk. Burkeman schrijft diepgaand en toch toegankelijk, en met een heerlijk Brits gevoel voor understatement en zelfspot over zijn eigen schrijfambities en niet meer zo piepjonge vaderschap.

Doorgaan met het lezen van “Een ode aan de lullige hobby”

Wij witte mannen van Agile

Toen een minuscule minderheid met grote online zichtbaarheid voor elkaar kreeg dat Marieke Lucas Rijneveld zich terugtrok als vertaler voor The Hill We Climb van Amanda Gorman ventileerde ik daar een sterke mening over. De aantijging dat Rijneveld vanwege haar (eigenlijk hoor ik ‘hun’ te zeggen, maar dat is geen Nederlands) huidskleur ongeschikt zou zijn vond ik belachelijk en het zwichten voor die druk vond ik onze rechtsstaat onwaardig.

Je mag dit een typische mening vinden van een witte hetero-man van middelbare leeftijd, hoger opgeleid en opgegroeid in een welvarend en traditioneel Limburgs gezin. Dat klopt als een bus. Die achtergrond kleurt alles wat ik doe en vind, inclusief de vorige alinea, de volgende en alles wat ik op dit blog schreef en nog zal schrijven. Al zou ik het willen; ik kan niet neutraal zijn.

12 Angry Men uit 1957. Tijden veranderen, maar niet heel snel.
Doorgaan met het lezen van “Wij witte mannen van Agile”

Het alcoholvrij kantoorcafé

Ik weet niet welke grapjas kantoortuin ooit als samenstelling bedacht, maar het had uit de koker van dezelfde reclamejongen kunnen komen die de bounty verkocht als fris-witte kokos in Hollandse melkchocolade. Misschien keek hij uit op kantoorwerkers met laptop in een krioelend Vondelpark die tijdens de lunch nog wat achterstallige mail wegwerkten. Je moet het ze nageven, het is een briljant vondst in al zijn sarcasme, zoals de bajes ook wel een correctional facility heet in de VS. Een muf kippenhok verkopen met de associaties van rust, frisse lucht en stilte: dat noem ik lef. De enige vergelijking met een echte tuin die niet mank gaat is dat er in een straal van vijf meter niet overal muren om je heen staan. Wil je een eerlijke metafoor, noem het dan een alcoholvrij kantoorcafé. Dat ademt tenminste gezelligheid.

Doorgaan met het lezen van “Het alcoholvrij kantoorcafé”

De natuur is meedogenloos, maar eerlijk

De diepgelovige politicus Paul Blokhuis (Staatssecretaris van VWS voor de ChristenUnie) gaf een openhartig interview in de Volkskrant (20/7/2021) over het overlijden van zijn achttienjarige dochter aan een zeldzame auto-immuunziekte. Zulk verdriet is peilloos en waarschijnlijk levenslang. Soms vind ik het jammer dat ik bewust kinderloos ben. Soms niet. Het geloof in een aanwezige, handelende God die in weerwil van rampen toch het beste met ons voorheeft geeft hem troost. Ik voel grote compassie met het leed van Blokhuis, maar met de beste wil van de wereld begrijp ik niet hoe zijn verhouding tot het geloof een troost kan zijn.

Aarts-atheïst Richard Dawkins onderscheidt in zijn boek God als misvatting (The God Delusion) voor het gemak zeven gradaties van (on)geloof. Aan de uiteindes vinden we de rotsvaste overtuiging. “Ik heb geen bewijs nodig dat God (niet) bestaat. Ik weet dat het wel/niet zo is”. De zuivere agnost neemt de gulden middenweg in op nummer vier. Zij concludeert dat wetenschap en ratio tekortschieten voor een eensluidend bewijs voor of tegen en heeft geen voorkeur voor de een noch de andere stelling. Zelf heb ik in mijn volwassen leven gezwalkt aan beide kanten van de neutraliteit, met een sterke voorkeur voor ongeloof. Maar een handelend opperwezen dat hier en nu neerkijkt op ons doen en laten en beschikt over ons lot heb ik nooit kunnen accepteren. Ik ben blij dat ik ook geen aanvechting voel mijzelf te overtuigen dat een dergelijk opperwezen er zou horen te zijn. Je moet dan immers aanvaarden dat de ellende die ons treft niet willekeurig is en onderdeel van een hoger plan. Niets wijst ook maar in die richting.

Hevige regenval juli 2021, Strabrechtse Heide, Heeze
Doorgaan met het lezen van “De natuur is meedogenloos, maar eerlijk”