Het alcoholvrij kantoorcafé

Ik weet niet welke grapjas kantoortuin ooit als samenstelling bedacht, maar het had uit de koker van dezelfde reclamejongen kunnen komen die de bounty verkocht als fris-witte kokos in Hollandse melkchocolade. Misschien keek hij uit op kantoorwerkers met laptop in een krioelend Vondelpark die tijdens de lunch nog wat achterstallige mail wegwerkten. Je moet het ze nageven, het is een briljant vondst in al zijn sarcasme, zoals de bajes ook wel een correctional facility heet in de VS. Een muf kippenhok verkopen met de associaties van rust, frisse lucht en stilte: dat noem ik lef. De enige vergelijking met een echte tuin die niet mank gaat is dat er in een straal van vijf meter niet overal muren om je heen staan. Wil je een eerlijke metafoor, noem het dan een alcoholvrij kantoorcafé. Dat ademt tenminste gezelligheid.

Doorgaan met het lezen van “Het alcoholvrij kantoorcafé”

De natuur is meedogenloos, maar eerlijk

De diepgelovige politicus Paul Blokhuis (Staatssecretaris van VWS voor de ChristenUnie) gaf een openhartig interview in de Volkskrant (20/7/2021) over het overlijden van zijn achttienjarige dochter aan een zeldzame auto-immuunziekte. Zulk verdriet is peilloos en waarschijnlijk levenslang. Soms vind ik het jammer dat ik bewust kinderloos ben. Soms niet. Het geloof in een aanwezige, handelende God die in weerwil van rampen toch het beste met ons voorheeft geeft hem troost. Ik voel grote compassie met het leed van Blokhuis, maar met de beste wil van de wereld begrijp ik niet hoe zijn verhouding tot het geloof een troost kan zijn.

Aarts-atheïst Richard Dawkins onderscheidt in zijn boek God als misvatting (The God Delusion) voor het gemak zeven gradaties van (on)geloof. Aan de uiteindes vinden we de rotsvaste overtuiging. “Ik heb geen bewijs nodig dat God (niet) bestaat. Ik weet dat het wel/niet zo is”. De zuivere agnost neemt de gulden middenweg in op nummer vier. Zij concludeert dat wetenschap en ratio tekortschieten voor een eensluidend bewijs voor of tegen en heeft geen voorkeur voor de een noch de andere stelling. Zelf heb ik in mijn volwassen leven gezwalkt aan beide kanten van de neutraliteit, met een sterke voorkeur voor ongeloof. Maar een handelend opperwezen dat hier en nu neerkijkt op ons doen en laten en beschikt over ons lot heb ik nooit kunnen accepteren. Ik ben blij dat ik ook geen aanvechting voel mijzelf te overtuigen dat een dergelijk opperwezen er zou horen te zijn. Je moet dan immers aanvaarden dat de ellende die ons treft niet willekeurig is en onderdeel van een hoger plan. Niets wijst ook maar in die richting.

Hevige regenval juli 2021, Strabrechtse Heide, Heeze
Doorgaan met het lezen van “De natuur is meedogenloos, maar eerlijk”

Uitdagingen zijn nooit leuk. De echte althans.

“Ben jij op zoek naar een leuke nieuwe uitdaging?” Ik vind dat je niet moet klagen over zulke berichtjes van ijverige recruiters. De vraag naar ervaren krachten in de markt voor softwareontwikkelaars blijft maar groeien en zij doen tenslotte ook maar hun werk. Waar een flink deel van de wereldbevolking het hoofd boven water houdt met slechter betaald, gevaarlijker en saaier werk zijn deze ongevraagde aanbiedingen het luxeprobleem aller luxeproblemen. Nee, het gaat mij om de woorden leuk en uitdaging in één zin. Die twee kunnen per definitie geen stelletje vormen. Laat ik ze eens definiëren aan de hand van wat persoonlijk anekdotisch bewijs.

Table Mountain in Crickhowell, Zuid-Wales
Doorgaan met het lezen van “Uitdagingen zijn nooit leuk. De echte althans.”